Ethernet bekabeling
referentie Z084D
Version Française:  

Hoewel ethernet bekabeling tussen twee apparaten vaak zonder problemen werkt, kunnen defecten en fouten in de bekabeling de oorzaak zijn van hardnekkige problemen.
Voor alle problemen geldt: vervang de te onderzoeken kabel door een korte kabel te verbinden, waarvan u zeker weet dat deze kabel goed is. Als hierdoor het probleem verdwijnt, lag het dus aan de kabel!

Een voorbeeld: u heeft meerdere computers met een aantal zelf getrokken kabels aangesloten op een router. Nu doet één van de aansluitingen het opeens niet meer; de aangesloten computer ziet de andere computers niet meer, ziet de router niet meer en kan niet meer op het Internet. De andere computers doen het nog prima.
Om de kabel te testen, sluit u de getroffen computer aan op één van de andere kabels. Als het probleem hierdoor verdwijnt, is er dus een probleem met de kabel.
Als het probleem hierdoor NIET wordt verholpen, is er waarschijnlijk iets anders aan de hand. Het probleem ligt dan niet aan de kabel. In dit document worden een aantal veel voorkomende problemen met bekabeling besproken.

Verkeerde kwaliteit van de kabels.

Kant en klare ethernet bekabeling komt voor in een aantal kwaliteiten (CAT komt van 'category'). De kwaliteit kan vaak worden afgelezen op de buitenkant van de kabel en wordt uitgedrukt in een getal. Het gebruik van een te lage kwaliteit kabel leidt er toe dat het signaal niet overkomt, af en toe overkomt of met een te lage snelheid overkomt.

Gebruik bij voorkeur CAT 5 of 5E ethernet kabels!
Standaard goede CAT 5(E) ethernet kabels zijn in iedere redelijke computerwinkel in allerlei lengtes te koop. Indien u in het bezit bent van geschikte gespecialiseerde kniptang, een hoeveelheid losse UTP kabel en losse aansluitklemmetjes kunt u zelf Ethernetkabels van iedere lengte maken. Dit vereist echter wel enige handigheid.

Een extra aanduiding van het type kabel is vaak te vinden voor of achter de CAT aanduiding op de kabel. De standaard meest gebruikte kabel is een zogenaamde UTP (=Unshielded Twisted Pair)- kabel. Voor omgevingen waar men rekening moet houden met veel electromagnetische interferentie gebruikt men professioneel vaak speciale kabels welke tegen dat soort interferentie zijn afgeschermd. Deze worden STP (Shielded Twisted Pair) of FTP (Foiled Twisted Pair) genoemd. Deze kabels zijn bijvoorbeeld nuttig in een fabriekshal of bij zeer zware electronische apparatuur. Ze bieden in een huissituatie geen extra voordelen.



Te lange of slechte kabels.

Een Ethernet kabel kan maar een beperkte afstand overbruggen voordat het signaal te zwak wordt. De symptomen voor een te lange kabel zijn hetzelfde als die bij een kabel van een te lage kwaliteitsklasse: een wegvallende, te langzame of zelfs geen verbinding. De maximale afstand van een goede kwaliteit CAT 5 ethernet-kabel is 100 meter. Deze afstand kan minder zijn als er gebruik wordt gemaakt van een inferieure kwaliteit. Boven deze 100 meter moet het signaal worden versterkt door - bijvoorbeeld - een hub of switch te plaatsen.

In een enkel geval kan het probleem van een slechte bekabeling ook worden opgelost door de eigenschappen van de netwerkkaart in te stellen op 10 Mb i.p.v. 100 Mb en op 'Half Duplex' i.p.v. 'Full Duplex'. Dit stelt minder hoge eisen aan de kwaliteit van de kabel, maar de maximum snelheid van de verbinding is ook natuurlijk ook een stuk lager.

Gedraaide kabels i.p.v. rechte kabels

Ethernet kabels komen voor in twee typen: gedraaid en recht.
Veel moderne apparaten kunnen uit zichzelf detecteren welk type kabel u gebruikt en passen zich daar bij aan. Maar als u een verkeerde kabel gebruikt bij de verkeerde combinatie, komt de verbinding tussen de twee apparaten niet tot stand.

U kunt zelf zien of een kabel gedraaid of recht is door de twee uiteinden van de kabel met het klipje naar beneden naast elkaar te houden. Let op de volgorde van de kleine gekleurde draadjes in het doorzichtige uiteinde van de kabel. Bij een rechte (Straight) kabel is de volgorde aan beide uiteinden gelijk. Bij een gedraaide (Crossed) kabel wijkt de volgorde van elkaar af.

Opmerking:
Veel moderne ethernet apparaten beschikken over MDI/MDIX ethernet-poorten, welke zich automatisch aanpassen aan de poort aan de andere zijde en de gebruikte kabel. Bij het gebruik van een apparaat met dergelijke ethernet-poorten behoort het niet uit te maken of de kabel nu een normale of een gekruisde/gedraaide kabel is, zolang er maar een kabel van voldoende kwaliteit wordt gebruikt.

Defecte kabels

Een Ethernet-kabel kan defect raken, bijvoorbeeld omdat iemand er te hard op gaat staan, ze in een te scherpe bocht worden gedwongen of één van de stekkertjes half los schiet. Ze zijn veel kwetsbaarder dan bijvoorbeeld een netspanningssnoer. Een defect hoeft niet altijd meteen aan het oppervlak te komen, maar het kan zich op dezelfde manier voordoen als een kabel van te slechte kwaliteit.

Leg Ethernet-kabels bij voorkeur aan op plekken waar niemand er op kan gaan staan, ze geen haakse bochten om moeten en er geen slag in de kabel kan komen. In het laatste geval kan er -als er iemand aan de kabel trekt- gemakkelijk een breuk in één van de kleine aders van de kabel optreden.

Defecte poorten en kabels: een snelle test

Een defecte ethernet poort op een apparaat kan leiden tot situaties waarin de kabel ten onrechte wordt aangezien als het probleem. De meeste ethernet poorten zijn voorzien van kleine lampjes, die opgloeien als de poort in werking is. Op een apparaat met een ingebouwde switch (zoals de ZyXEL Prestige 650 en 652 H modellen) kunt u de verschillende LAN-poorten testen door ze met een ethernet-kabel met elkaar te verbinden. De lampjes behoren dan aan te gaan. is dit niet het geval, dan is de kabel óf de poort defect.